Pages

Sunday, May 17, 2026

Foutje !

 Santa Domingo is de oudste stad van de Amerika's. Gesticht in 1496 door (uiteraard) de Spanjaarden en inmiddels uitgegroeid tot de grootste stad in het Caribisch gebied met maar liefst 4,3 miljoen inwoners. Het oude koloniale is mooi bewaard gebleven en uiteraard een Unesco wereld erfgoed.

Een drankje op Plaza Espagna

En wij liggen daar middin in deze stadshaven. Nou ja, haven is misschien wat veel gezegd. Je moet je door een meter modder worstelen om er in te komen, de electra is volledig gesloopt en het sanitairgebouw doet er qua conditie niet voor onder. Naast ons ligt er nog een cruiser, en verder is het groen uitgeslagen en verwaarloosde longstay.

Even een 'visje halen'

Maar de deplorabele staat van de haven wordt meer dan goed gemaakt door de locatie en de hulp van havenmeester Ivan. We liggen op 10 minuten lopen van de oude stad (als je het oversteken van de drukke weg overleeft tenminste) en er is 24/7 bewaking. Ivan regelt alles voor je: drinkwatercontainers op het dok, een gasfles gevuld in een uurtje tijd, vragen over winkels in de buurt, het regelen van de despacho. Alles goed en snel.

Zicht op de oude stad

Op maandag doen we een stadsrondwandeling. We treffen onze gids op de afgesproken tijd en wandelen in twee uurtjes langs de meeste highlights. 

Bovenop de vesting

We bezoeken onder andere de eerste verharde weg van de stad-in-oprichting: hier kwamen de voorname dames vanuit de schepen door de poort naar het fort en paleis gelopen. Ook bezoeken we het oudste ziekenhuis van de Amerika's, Het was gevestiged in een kloostergebouw. Van het gebouw is niet meer veel over en het is inmiddels bewoond door duiven en papagaaien. Het is wel nog goed voor te stellen hoe hier bijna 600 jaar geleden kolonisten maar ook locals werden verzorgd.

Het oude klooster / ziekenhuis

Niet officieel in de tour opgenomen maar wel door Amarins en Ties gespot op straat is de zogenaamde 'Dominican Papi': de internetmeme bestaat in real life. Een afgetrainde,verzorgde Dominicaanse man in een te strakke korte broek en met strakke polo of ander shirt met het kraagje omhoog. Deze zag je in de 15e eeuw nog niet, wat een vooruitgang in die 6 eeuwen tijd.

Amarins zedelijk bedekt

In de kathedraal 'Sante Maria de menor' koelen we even af. Het is niet een hoog gebouw (wat je zou verwachten) omdat de Spanjaarden de stad niet van veraf vanaf zee vindbaar wilden laten zijn door de vijanden). De kerk is van binnen prachtig. Amarins moet even in dekens ingepakt worden om naar binnen te mogen. Niet vanwege de koelte maar omdat haar kleding iets te bloot is om door de ingangsballotage te komen.

Playmobil kerststal

Na nog een stop bij het fort zit de wandeling erop en zoeken we een plek om te gaan lunchen. We trakteren ons op een toeristenmenu in een restaurant met airca en laven ons aan vooral aan veel ijskoude cola. Het is warm in de stad.

In de namiddag lopen Anneke en Robert naar de Ole hypermarkt om te kijken wat er zoal te krijgen is. Het is een boodschappenparadijs. Ze hebben (bijna) alles wat je verzinnen kunt en het is ook nog buitengewoon goedkoop. Hier gaan we goed slagen. Met vooral verse groenten en fruit komen we bij de uitgang waar we direct een taxi terug naar de haven aangewezen krijgen. 

Welke geur wasparfum wil je ?

De chauffeur rijdt eerst onze haven voorbij omdat hij denkt dat we bij de ferry-haven moeten zijn. Zo vaak ligger en er dus passanten in onze 'marina'. Hij geeft ons zijn kaartje zodat we hem direct kunnen contacten als we ergens heen willen. Handig. 

Anneke en Amarins maken daar de volgende dag gebruik van als ze een dagje naar de Mall gaan. Er ligt aan de andere kant van het centrum een enorm winkelcentrum met alle gehoopte winkels dus de dames gaan een dagje shoppen. Ties en Robert laten dit uiteraard voorbij gaan. De chauffeur brengt ze weg en ze komen met een Uber weer terug. Dat werkt hier ook goed. Even laten proberen we InDrive, ook die app werkt hier uitstekend en vaak zijn de ritten nog wat voordeliger dan met Uber.

Tres Ojos

Op woensdag brengen we een bezoek een Les Tres Ojos. Een natonaal park wat eigenlijk nog in de stad ligt. Het is één van de grootste toeristische trekpleisters van het land en om de hoek. Het is inderdaad erg mooi: het zijn een verzameling verbonden cenotes met helder water en mooie steenformaties. Één van de cenotes is met een kabelpontje door een grot te bereiken. Erg leuk. 

Tres Ojos

We krijgen al de hele week mooie beelden van Meike uit de Verenigde Staten. Key West, Miami, Fort Lauderdale, ze maakt er met Gabriel en zijn familie een paar mooie weken van. Maar dan is het moment dat ze zich weer bij ons aansluit. 

Hemingways'

Op donderdag nemen we een Uber naar het vliegveld om Meike op te halen. We moeten even wat langer wachten omdat de vlucht vertraging heeft maar anderhalf uur later dan verwacht is ze er dan toch. Op zich blij maar ook niet: ze heeft een fantastische tijd in Florida gehad en (tijdelijk) afscheid nemen is niet leuk.

Even wachten nog

Om te vieren dat we weer compleet zijn gaan we 's avonds uit eten in een 'echt' restaurant. We laten ons verwennen bij Buche Perico in het oude centrum. We genieten van allerlei lekkers met een uitstekende bijpassende wijn. Goedkoop is het niet, zeker niet voor hier. Maar het is erg leuk om weer een keer 'luxe' en 'uitgebreid' uit eten te gaan in plaats van de eenvoudigere restaurants en het streetfood wat we normaal uitkiezen. 

Mooie ambiance bij Buche Perico

Na een kleine week hebben we het wel gezien in Santo Domingo. We gaan op vrijdag nog een keer naar de Mall, regelen onze despacho (een document wat je nodig hebt om je met de boot binnenlands te mogen verplaatsen), een nieuwe voorraad drinkwater en betalen het liggeld. 'We regelen' is eigenlijk 'Ivan regelt het als wij hem vragen'. Ideaal. 

Brothers

We willen de volgende morgen (zaterdag) op tijd weg om voordat de wind aan gaat in Boca Chica te zijn. 's ochtends om 08.00 staan de officials klaar met de despacho. Immigratie zegt dat we nog even mee moeten naar kantoor om onze paspoorten te laten stempelen maar dit is een vergissing: we gaan niet het land uit.  Na overleg met haar supervisor ziet ze dit ook in en kunnen we weg. Een medewerker van de haven haalt de afvalkering weg zodat we eruit kunnen. Eruit gaat niet zonder hulp. Achteruit hebben we minder vermogen en het water is wat lager dan bij aankomst, Gesleept door een havenboot komen we uiteindelijk uit de modder. De dieptemeter heeft minimaal 1 meter aangegeven, toch 80cm tekort voor onze 1m80 diepgang.

Door de prut de haven uit

Na een rustige tocht komen we vroeg in de middag bij Boca Chica aan. We ankeren kort om bij Isla La Piedra het roer te inspecteren, We vermoeden dat er speling op het onderlager zit maar dit blijkt niet zo te zijn. De 'klunk' moet ergens anders uit de stuurinrichting komen maar gelukkig niet uit een in het water niet te vervangen lager.

Boca Chica in de ochtend

Boca Chica doet haar reputatie eer aan. De reviews van de haven zijn duidelijk: het is hier een klereherrie. We kunnen dit beamen. Vanaf halverwege de middag ankeren tientallen motorboten met extreem luide muziek op ongeveer 100 meter van de haven. Eromheen razen talloze jetski's. Dit gaat door tot ver in de nacht hoewel de jetski's gelukkig rond 18.00 stoppen met racen. Het lijkt alsof je op een kermis staat maar dan nog 2 keer zo luid. Ongelovelijk. Het schijnt een van de meest populaire uitjes te zijn voor Dominicanen. Je moet er maar lol aan beleven.


In het filmpje hierboven een idee. Hier is het al na middernacht, dus relatief rustig.

's Ochtends is het dan weer rustig tot de ellende halverwege de middag weer opnieuw begint. Ergens is het leuk om te zien, maar ook niet. Maar goed, wij liggen hier niet voor onze rust maar omdat we vanuit hier makkelijk een auto kunnen huren om Meike en Amarins later naar Punta Cana te brengen. En er is een goede surfspot.

Meike en Ties staan de volgende dag om 06.00 op om te gaan surfen en Anneke en Robert halen later op de dag op het vliegveld een huurauto op.

Goede surfspot

Daarvoor gaan Anneke en Robert even aan de wandel naar het strand van Boca Chica. Het is vandaag zondag en aan het strand hebben zich ontelbare families gevestigd met opnieuw vaak muziek op gehoorbeschadiging niveau. Uit auto's met openstaande deuren, of uit enorme boomboxen. Praten is onmogelijk in een ruime straal. Dat hoeft kennelijk niet als je met elkaar 'gezellig' een dagje naar het strand gaat. Luidruchtig volk. Ooit schreven we dat de bewoners van Tobago het meest lawaai maakte. Nu zijn zij naar de tweede plaats verdreven.

Salto Alto

We hebben de auto voor een paar dagen gehuurd zodat we ook wat van het binnenland kunnen zien. Terwijl Ties gaat surfen gaat de rest onderweg naar de Salto Alto watervallen, Een waterval met zwempoelen midden in het woud.

Salto Alto

De rit erheen is makkelijk. De wegen zijn goed (zeker in vergelijking met Jamaica) en het is niet bijzonder druk buiten de grote plaatsen. Het is duidelijk een trekpleister voor de Dominicanen. We zijn zo'n beetje de enige toeristen. Hele families badderen in de poel onder de waterval. Veel met reddingvesten. Aan de kant wordt er op de rotsen gepicknicked. Een populair uitje.

Heerlijk sufen hier

Op woensdag is het vertrekdag. Amarins en Meike vliegen vandaag vanuit Punta Cana naar Madrid en Amsterdam. We melden ons bij immigration om af te monsteren van de boot. Dit gaat niet helemaal goed. De paspoorten worden al afgestempeld alsof ze het land al uit zijn maar zo kun je niet op het vliegveld door immigration heen. 5 man bemoeit zich er mee, iedereen met een stukje kennis of ervaring en er wordt naar het vliegveld gebeld. Uiteindelijk krijgen we een brief van de immigratiedienst waarin staat dat ze deze fout hebben gemaakt en wordt het stempel in het paspoort doorgekrast. 


Foutje !

Ties plukt de dag en is weer te surfen dus we gaan met zijn vieren onderweg naar Punta Cana. Na een rustig rit van twee uurtjes parkeren we voor de luchthaven. Niet veel later kunnen de dames hun bagage inchecken en door security. Missie geslaagd. Meike onderweg naar de surfschool voor weer een zomer in Galicie. Amarins onderweg naar Nederland voor vriendinnenbezoek en een serie concerten.

Geboard, ready to go.

De vlucht vertrekt op tijd en ze zijn net onderweg als Anneke en Robert weer in Punta Cana zijn. 's Avonds gaan we met zijn drieen naar 'Knife'. In het centrum van Santo Domingo geeft een beroemde chef kookworkshops en wij hebben eentje geboekt.

De weg erheen is nog niet zo makkelijk. Het is enorm druk en vooral de laatste paar kilometer schiet niet op. Robert wil in de file (iets te agressief, zelfs voor hier) een baantje opschuiven en wordt linksachter zachtjes aangetikt door een grote SUV die geen ruimte geeft. We rijden even naast elkaar, zeggen sorry, en gaan weer verder. We hebben met de huurauto alle risico's afgedekt maar hier midden in de stad een schade regelen is niet wat je wil. Als we bij aankomst de auto inspecteren hebben wij in ieder geval geen zichtbare schade. 

Bij de kookworkshop

De kookworkshop is erg leuk. We maken traditionele vullingen voor tacos: birria, gambas, pulled chicken. Met een meer dan volle maag en een paar doggy bags rijden we terug naar Boca Chica.

De volgende morgen maken we nog even gebruikt van de huurauto om groot boodschappen te doen bij de hypermarket. We overwegen nog steeds (daarover later meer) binnenkort over te gaan steken naar de Azoren maar ook als we aan deze kant blijven komt de voorraad wel op. Met 500 euro aan boodschappen in de auto komen we voorlopig niet om van de honger.

Boodschappen XL

Vlakbij de haven zoeken we nog naar de watersportwinkel die er zou moeten zijn. En verdraaid er is een hele uitgebreide bijna tegenover de marina. En nog verdraaider: ze hebben er Sika 295UV, een lijm waar we al sinds Guatemala naar op zoek waren. Een paar van de luiken lekten en pogingen deze opnieuw te verlijmen mislukten steeds omdat we geen lijm konden vinden die houdt op acrylglas. En nu dus wel !

Eindelijk Sika 295UV

Inmiddels is Amarins na een lange overstap in Madrid in Amsterdam aangekomen. We krijgen foto's van Heit en Mem die haar ophalen op Schiphol. Meike is in Madrid gebleven bij een vriendin van de surfschool en reist later door naar Muros. Amarins mag de komende weken bij Froukje logeren, super vertrouwd, dichtbij al haar vriendinnen en in haar eigen dorp.

Aangekomen !

Wij hebben het in Boca Chica meer dan gezien. Ons doel waarom we hier waren is bereikt en nu maken we dat we zo snel mogelijk weg komen. We willen naar Punta Cana varen, wat een nachtje door is, maar een rottige zee en her en der slecht zichtbare visfuiken doet ons besluiten om niet 's nachts door te varen maar een tussenstop te maken bij Isla Catalina en bij Isla Saona. Mooie plekken en dan maar wat langer onderweg, haast hebben we niet. Wel zegt onze despacho 'Cap Cana' maar zolang we geen Armada tegenkomen en niet van boord gaan zou dat geen probleem moeten zijn.

Nederlands ontbijt.

De stop bij het stille Isla Catalina is welkom na al de herrie en drukte van Boca Chica. Er ligt één andere boot en ondanks dat het wat rolt slapen we er heerlijk.

Onderweg naar The Neighbourhood

De volgende morgen varen we door naar Isla Saona. Dit eiland is gebruikt als decor voor een Pirates of the Caribean film en ook Robinson Griekenland schijnt hier te worden opgenomen. We lezen later dat een deelnemer hier zijn onderbeen verliest wanneer hij wordt overvaren door een motorboot.

Saona, aardig paradijselijk

We ankeren vlak bij de zuidwest punt van Isla Saona, zodat we morgenvroeg met het eerste licht direct de kaap om kunnen. Hierdoor is het wel weer wat rolly maar goed te doen. We zijn de enige nadat alle dagcharters zijn verdwenen.

Bij het eerste licht (05.30) gaan we onderweg en we hebben uiteindelijk tot 14.00 uur nodig om het hoekje om te komen. Deze kaap heeft op de zuidoost punt nog ver uitstrekkende ondieptes waar een slechte zee staat. Het is het begin van de Mona Passage, de zee straat tussen de Dominicaanse Republiek en Porto Rico. Een slecht stuk water. We moeten ver om en tegen wind en golven in.

Zonsopgang boven Saona

Eenmaal de hoek om kunnen we zeilen naar Cap Cana. Hier en daar is de zee nog erg chaotische maar het is goed te doen en we varen rond 18.00 uur de haven van Cap Cana binnen. De marina staff en Armada staat al op ons te wachten en niet veel later liggen we vast én zijn we ingechecked.

Dapper !

Voor ons ligt een Amerikaanse catamaran die het geluid maakt van een stadsfontein. Op wel 4 plekken loopt er een grote straal water uit. De eigenaar vertelt dat hij 4 (!) airco units heeft draaien. En dat terwijl ze maar met 2 man aan boord zijn. Amerikanen, tja.

Wij gaan over op wat boot onderhoud werk. Anneke gaat de mast in voor een check van verstaging. Alles ziet er nog piekfijn uit. Of we ook gaan oversteken is nog steeds de vraag: niet iedereen heeft er evenveel zin in, Robert vindt de boot technisch ok, maar we hebben o.a. geen reserve autopilot en geen stormzeilen. En daarbij willen we deze boot niet houden in Nederland, dus overzeilen heeft alleen zin als we daardoor beter kunnen verkopen.

We hakken de knoop door. We blijven aan deze kant. Wat dan de vraag oproept of en wanneer we naar Curacao zeilen of dat we hier in de Dominicaanse Republiek blijven: hier in Luperon ben je tijdens het stormseizoen ook veilig.

We bellen met de Curacaose jachtmakelaar, en die in Luperon, en vergelijken liggelden en komen tot de beslissing naar Luperon te gaan en daar de boot te verkopen. 

Wat we kort daarna ontdekken is dat we niet eens een keuze hebben. De DR is een land met een verhoogd Rabies risico. Hiervandaan naar Europa vliegen vereist een titertest én een wachtperiode van 3 maanden. Eén van ons blijft hier in ieder geval tot half augustus, of we zoeken een catsitter. En als de boot heel snel verkocht wordt moeten we hier op de wal iets zoeken.

Prima pizza's in Cap Cana

Ook Curacao stelt dezelfde eisen qua invoer van katten. Als we dus naar Curacao zouden zeilen zouden we nooit met de katten binnen komen, en als je ze 'illegaal' het land in brengt kun je niet met ze naar huis vliegen. Voor de Azoren geldt hetzelfde, hoewel je dan niet hoeft te vliegen om Nederland in te komen.

Door 'zomaar' de Dominicaanse Republiek in te zeilen hebben we onszelf klem gevaren. Dit hebben we ons nooit vooraf gerealiseerd. Dus Luperon it is.

Het strand is wel mooi hier in Cap Cana

We checken met onze verzekeraar of in ieder geval onze WA dekking wél blijf bestaan bij stormschade wat zo is, en spreken met de makelaar in Luperon af dat zij onze boot gaat bemiddelen.

Is Punta Cana verder een oersaaie (en dure) haven, we hebben hier wel ons doel bereikt: kiezen hoe we de reis gaan voltooien.

Eenmaal zover willen we hier ook weg en besluiten donderdag naar Samana te varen. Een veel mooiere plek met een veel mooiere haven en ongeveer halverwege naar Luperon. Er is wel een obstakel: we hebben Teiger al de hele dat niet gezien terwijl deze normaliter 's ochtends (weer) aan boord is. We maken een aantal zoekwandelingen door de haven maar vinden hem niet. 

Weer terecht gelukkig.

Woensdagmiddag staat Teiger ineens weer aan dek. Hij beweegt zich duidelijk met pijn naar binnen, haalt heel erg snel adem, en heeft continu zijn bek open. Wat er gebeurt is is niet duidelijk maar hij is duidelijk volledig uitgeput en heeft pijn aan een achterpoot. Weer een leven verspeeld. We krijgen er met moeite wat eten en drinken maar na een paar uurtjes is zijn ademhaling weer redelijk normaal. Van de plek komen doet hij niet. Die heeft duidelijk rust en herstel nodig.

Donderdag gaan we halverwege de middag onderweg naar Samana. Eén nachtje doorzeilen en zowaar kunnen we ook het meeste zeilen. Pas 's ochtends om een uur 6 gaat de motor een paar uurtjes bij tot er weer wind is. Om 13.00 zijn we in Samana. Teiger komt nog niet van de plek.

In de infinity pool

We maken een afspraak met een dierenarts voor de titertests en vragen gelijk of hij dan ook Teiger kan onderzoeken. Maandag komt hij bij ons aan boord.

De haven van Puerto Bahia in Samana staat in schril contrast met de eerdere drie jachthavens. Rustige plek, goede voorzieningen, een biljart, een fitness ruimte, een infinity pool, een koele werkruimte. Heerlijk om even een paar dagen te liggen.

Uitzicht vanuit de gym

Anneke heeft begin van de week een paar belangrijke afspraken en we wachten op de dierenarts. Teiger loopt op zondag al weer een klein beetje beter hoewel hij duidelijk nog pijn heeft. Ties heeft zijn ticket naar Spanje (naar de surfschool) geboekt en Amarins komt de 27e weer terug. En ondertussen genieten van de gym en het zwembad. Volgende en laatste stop Luperon.

Wednesday, April 29, 2026

Haast ?

 De klok van het seizoen tikt. In Juni begint officieel het hurricaneseizoen en hoewel onze verzekering toestaat tot 1 juli in de Carieb te blijven moet je voor een Atlantische oversteek toch niet later dan half mei weg. Weg vanuit de Dominicaanse Republiek, Sint Maarten of Florida, niet waar we nu zijn, nog ruim 1250 mijl westelijk van de Dominicaanse Repbliek. 1250 mijl tegen de heersende winden in ook.

By Yummy Yummy

Het is daarom belangrijk om een goed weerwindow ook direct te gebruiken en er lijkt zich één aan te dienen vanaf 3 april. Eerst met een paar dagen zuidoosten wind omhoog naar Mexico en dan daar op een naar noordoost wind draaiende wind door naar de Caymans, Jamaica en verder. Althans dat is het plan.

Wasdag

Vooruitkijkend vergeten we natuurlijk niet te genieten van het prachtige Caye Caulker in Belize. Genieten van het eten, de natuur, de mensen. We lunchen uitgebreid bij Yummy Yummy en naast dat het lekker is, zijn de porties gigantisch. We nemen nog voor anderhalve dag aan doggy-bags mee. 

Roggen bij de fueldock

Op woensdag 1 april gaat Robert naar San Pedro (op Ambergris Gray) om uit te klaren. We zouden er met de boot heen kunnen maar de weg erheen is al vrij ondiep en de ankerplaats helemaal. Het zou mogelijk moeten zijn om zonder boot en crew daar uit te klaren dus we doen een poging en zowaar lukt het. De veerboot naar San Pedro in de ochtend doet er 30 minuten over, en nog anderhaf uur later zijn we good to go.

Op de ferry naar San Pedro

San Pedro is in de 80's bezongen door Madonna in La Isla Bonita maar zo 'Bonita' is het niet meer: druk, toeristisch, vies. Veel van de charme is inmiddels verloren gegaan. Men zegt dat Caye Caulker het San Pedro van nu is en daar kunnen we ons iets bij voorstellen. Zo langs als het duurt, want ook Caye Caulker wordt steeds toeristischer en minder oorspronkelijk. De vaart der volkeren zeg maar.

La Isla Bonita

Terug op de boot zouden we eigenlijk direct moeten vertrekken: immigratie kent geen 'we gaan morgen', je wordt geacht ook te gaan. Maar in de praktijk heb je wel 24-48 slack, en niemand komt hier controleren. Zolang je niet wordt opgepakt of onder een auto loopt kraait er geen haan naar. Meike, Ties en Amarins gaan nog op stap met Floor en Linda met het advies in ieder geval niet opgepakt te worden en slagen daar gelukkig in.

Bij de Mennonieten voor top groente en fruit

Donderdag (2 april) is een dag van logistiek én van bezoek. We halen diesel, bezoeken de wasserette en gaan naar de Mennonieten markt voor groenten en fruit. De waar die ze aanbieden is super: prachtig vers en ongekoeld dus goed houdbaar. Met een paar boodschappentassen vol hebben we de buit binnen. Ook gaan we nog bij Monique van de Humane Society op bezoek voor de gezondheidsverklaringen van de katten. Later op de dag komen Floor en Linda op bezoek. Meike en Ties hebben Floor leren kennen in El Paredon (in Guatemala) en nu is ze met vriendin Linda in Belize belandt. We borrelen en zwemmen bij de  boot en het is een mooie afsluiter van onze tijd in Belize.

Borreltijd met Floor en Linda

Vrijdag is vertrekdag. De weerberichten zijn nog goed dus gaan. We motoren op het eerste daglicht langs door majestueuze buien gedecoreerde luchten. Zelf houden we het net droog. We gaan eerst weer terug naar het zuiden langs Cay Chapel omdat we weer bij Long Cay het barrier reef over moeten steken om naar open zee te kunnen. Dat het hier vrij precies komt blijkt wel als we maar iets afwijken van onze vorige track en prompt vastlopen in het zand . Iets meer naar bakboord vinden we weer genoeg water en de laatste mijl naar het rif hebben we weer de verwachte 4 tot 5 meter water onder de boot. 

Onderweg

Er staat nu duidelijk meer wind en swell dan toen we hier binnenkwamen een paar weken terug. Omdat de pas diep genoeg is  (5 a 6 meter) en vrij breed (een aantal scheepslengtes) komen we zonder problemen buiten. We pareren 2 of 3 wat hogere golven, en zien vrij snel daarna de dieptemeter kelderen tot deze de geruststellende 'LDP' aangeeft: Last Depth. Ofwel te diep om te meten. Het is alsof je aan ravijn in vaart, wat eigenlijk ook zo is behalve dat er water in staat.

Even bellen

Eenmaal buiten hebben we snel onze draai gevonden. Het is net aan bezeild, we hebben al wat stroming mee, en er staat een lopend windje. Een goed begin. Op enig moment zien we een Marlijn naast de boot springen en dit dier maakt ons bezoek aan Belize wel compleet: het land is een enorm open lucht aquarium met een ongekende rijkdom aan dieren. Combineer dit met het redelijk zorgeloos (qua golven dan, niet qua dieptes en riffen) zeilen achter het barrierrif en we hebben beleefd waarom dit als een zeilersparadijs wordt gezien.

Het thema is 'vogel'

Ergens tussen Belize en Mexico 'ontspringt' de golfstroom.  Althans, in de straat van Yucatan wordt alle stroming uit het Caribisch bassin samengeperst in een nauwe zeestraat om daarna via de Golf van Mexico en Florida in de Atlantic verder te gaan als 'de golfstroom'. We merken dit heel duidelijk: onze SOG neemt steeds meer toe en ook de zee wordt ruw en bokkig. En dan hebben we nog niet eens stroom-tegen-wind. We tikken regelmatig de 9 knopen aan en hotsen en knotsen naar het Noorden.

En weer eentje

De seastate is niet tot ieders genoegen: in dit soort condities inslingeren is niet ideaal en Anneke, Amarins en Ties voelen zich niet top. Eigenlijk zouden we op de zuidoostenwind al wat meer naar het oosten kunnen sturen alleen komen we dan in het felst van de stroom (3 tot 4 knopen) terwijl de wind pas later naar het noordoosten draait. We zouden zo langs Cuba de Golf van Mexico in stromen of tegen de wind in verder naar het oosten moeten kruisen.. Wel een korte en snelle weg naar huis maar niet de planning. Even wachten lijkt de betere optie.

Cozumel

We besluiten om achter Cozumel langs te varen en daar een ankerstop te maken. Dit eiland voor de kust van Mexico biedt wat lij om te wachten tot de wind naar noordoost draait. We willen alleen niet officieel Mexico in: inklaren duurt meederde dagen en kost al snel 600. We gaan gebruik te maken van het recht op 'innocent passage'.  Een schip mag de territoriale wateren van een land doorvaren en als dit nodig is zelfs ankeren mits je niet de boot verlaat. 

Helder water

Onder Cozumel loopt de stroming nog harder maar heel dicht onder de kust zwakt het af. We zien 3 enorme cruiseschepen en heel veel kleinere toeristenboten met duikers, parasailors, feestende groepen. Cozumel doet haar reputatie eer aan. We ankeren op de aangewezen plek en worden direct opgeroepen door Port Control die ons dankzij onze AIS transponder allang had aan zien komen. We melden onze scheepsnaam en dat we vanwege en weer en wat reparaties (dat doet het altijd goed) voor de nacht willen stoppen. Geen probleem.
Goedemorgen Cozumel

We krijgen op de boot nog wat mee van het toeristen leven op Cozumel: luide muziek vanaf de wal en onder andere een piratenschip wat in de buurt rondjes vaart en waarop live een soort 'Pirates of the Caribean' voorstellingen worden opgevoerd. We kunnen een beetje van de show meegenieten, inclusief de zwaardgevechten op dek. Best leuk.

Drijvend toeristen-theater

De volgende morgen (zondag 5 april) hebben we de beloofde noordoosten wind en gaan we anker op om ten noorden van Cozumel stuurboord uit te gaan richting de Kaaiman eilanden. Een tocht van ongeveer 300 mijl waarvan we hopen ongeveer de helft te kunnen zeilen. De tweede helft van de tocht wordt er geen wind voorspeld. Normaliter zou je dan wachten maar hier niet. Beter geen wind, dan een passaatwind op de neus.

We merken boven Cozumel dat de stroming nog rare dingen doet met zee en wind maar eenmaal wat verder is het heerlijk zeilen. Een mooie aan-de-windse-koers, een lopend windje, heerlijk. Alleen het vis vangen wil nog niet lukken.

Altijd mooi

We zitten snel in het ritme van eten, drinken, lezen, wacht lopen en natuurlijk de 15.30 snacky time. Wachten lopen is weer ongekende luxe: iedereen heeft 's nachts maar één wacht van 3 uur en alleen Robert moet heel af en toe even aan dek komen als we een 'close CPA' hebben met een groot schip. 

Aan het eind van maandag gaat de wind zoals verwacht eruit en motoren we rustig verder. Anneke bakt op dinsdag een heerlijke cake en we vangen ook een heerlijke Mahi. We zijn alleen niet de enige die deze Mahi vangt. We horen de reel ratelen en springen verheugd op. 'Beet !'. We kijken achterom om te kijken wat we aan de haak hebben geslagen en Anneke begint de lijn binnen te halen.

Een halfje Mahimahi

Terwijl we de vis binnen halen is er plots een grote plons en is onze Mahi voor de helft verdwenen. In het helder water achter de boot zien we een grote haai en nog een groepje Mahi's. De haai heeft onze vangs voor de helft afgebeten. Dat scheelt in ieder geval schoonmaken en deels fileren maar  voor de vis is het wel sneu: als we deze aan boord halen leeft deze nog: de Mahi is nog groen en blauw als deze leeft en wordt ineens grijs als deze sterft. 

Heerlijk filets

Snel verlossen we het dier uit zijn lijden waarna Anneke de vis verder verwerkt tot heerlijk filets en ceviche én een paar stukjes voor de katten. We schatten dat de vis ongeveer een meter lang was voordat de haai toesloeg. Er blijft in ieder geval meer dan genoeg voor ons over.

En Ceviche

We worden ook nog bezocht door 'flying chicken' ofwel vogeltjes. Er cirkelen meedere zwaluwtjes rond de boot en we verbazen ons dubbel: wat doen zwaluwen zo ver van land, en waarom zijn ze totaal niet schuw. Op enig moment hippen ze op je been, je arm, en niet veel later zitten er 2 op Anneke's hoofd gezellig te tjilpen. De katten hebben eerst gelukkig niets door totdat er een zwaluw naar binnen vliegt en Tijger toeslaat. Anneke grijpt Tijger nog in het nekvel maar deze laat niet los. One down. Even later grijpt Fireball er ook nog 1. Het totaal tijdens het zeilen op open zee gevangen aantal vogels staat nu op 5. De natuur is wreed.

Rare jongens die zwaluwen

Later gaat Tijger buiten ook nog op vogeljacht en tegen zonsondergang springt bij via de buiskap op de bimini, en dat terwijl we ongeveer 20 graden helling maken. Als Tijger nu overboord valt zien we hem nooit meer terug. maar ja, er zit daar een zwaluw. We weten Tijger eraf te krijgen en we sluiten ze voor de zekerheid maar even binnen op tot het donker is.

One down

Op woensdagmorgen hebben we nog ongeveer 50 mijl te gaan tot Grand Cayman. We komen op tegenkoers een eerste cruiseschip tegen. Bestemming Cozumel, logisch. Het weerbericht is voor ons goed om even vast te maken op Cayman en na 1 of 2 dagen door te zeilen naar Jamaica. We willen niet ons window missen maar een bliksembezoek aan de Kaaiman Eilanden is ook leuk.

Customs dock Grand Cayman

Rond 5 uur in de middag lopen we de ankerbaai van Georgetown aan en melden ons bij de Port Control. We hadden gehoopt naar een mooring te mogen om later in te klaren zodat we geen katten hoeven te melden en voor donker vast te ligge maar we worden verzocht naar het customsdock te komen. We meren aan een ruwe betonnen steiger en er staat aardig wat swell. Terwijl Robert op de wal is om in te klaren trekken we bijna een bolder van dek. Snel legt Anneke de nylon tros naar een van de schootlieren waarmee ze erger te voorkomt. Het is altijd beroerd om aan een kade aan te meren die open ligt naar zee: ook als is het aan de lij zijde, er blijft altijd beweging in het water achter waar de boot op heen en weer wordt gezet met schokbelasting op de lijnen als gevolg.

Hallo buren

Het inklaren gaat vlot en supervriendelijk en is los van het gillende brandalarm (waar niemand zich wat van aantrekt bij customs) probleemloos. Wel krijgen we een 'citation' met betrekking tot de katten: de Kaaiman eilanden zijn super streng met het invoeren van huisdieren, ook al blijven ze op de boot. De 'citation' heeft verder geen consequentie, het is een waarschuwing met het strikte advies ze niet van boord te laten. Dat waren we ook niet van plan. Wel geven ze nog mee dat Jamaica nog veel strenger is en zelfs in gevallen dieren euthaniseerd. Dat is een fraai vooruitzicht.

Bij Camana Bay

Van de Port Control krijgen we de precieze coordinaten van de mooring waar we naar toe mogen en nog net voordat het echt donker is liggen we aan onze 'bal'. Gehaald. Stempels in het paspoort, een borrel, eten, en een boerennacht.

Even aan het strand kijken

De volgende morgen hebben we weer 3 grote cruiseschepen als buren. Onder de boot is het ook mooi: we liggen in glashelder water boven koraal. Dé reden dat je hier verplicht aan een (gratis) mooring ligt. Ankeren mag niet om het koraal niet te beschadigen.  

Even in de airco met een koude koffie

We gaan we het eiland op. We hebben welgeteld één dag. Aantikken en weer wegwezen. Het verschil met de voorgaande landen is weer groot: heel Amerikaans, veel dure auto's. We gaan eerst naar Camana Bay, een resort achtig winkelparadijs met, jawel, een Starbucks én een mooie boekwinkel. Vervolgens nemen we een bus naar het centrum van Georgetown om daar wat sfeer te proeven. Wat opvalt zijn de lange rijen cruisegasten die weer terug aan boord willen en door een soort checkppoint heen moeten. We sneupen wat langs juweliers en soevenirwinkels en gaan weer langs customs en immigration om weer uit te klaren. 

Oversteekpark (over de snelweg)

Georgetown schijnt de Burger King met het mooiste uitzicht ter wereld te hebben dus dit willen we meemaken. Inderdaad zit deze vestiging pal aan zee en los van de vieze ramen is het uitzicht fenomenaal want op onze eigen boot. We hydrateren ons dankzij de Amerikaanse 'free re-fill' optie en goed gevoed (nou ja, goed) gaan we nog even langs de supermarkt voor vers brood en yoghurt.

Red snappers op de markt

In de supermarkt is het wel even slikken. Alles is ongeveer 2 tot 3 keer zo duur als in Nederland. Gelukkig hebben we niet veel nodig, maar je zal hier wonen en niet puissant rijk zijn. Ties en Robert gaan nog even diesel halen: de overtocht naar Jamaica zal ook vrij kalm zijn en het is een groot eiland waar we nog helemaal 'onderdoor' moeten varen. Het probleem met het moeten sjouwen van jerrycans is snel opgelost met winkelkarretje wat ons wordt aangeboden. Goed geregeld.

Fuel by can

Terug aan boord vinden we het ook wel prima zo. We hebben even de sfeer op Grand Cayman geproefd. Het snorkelen en duiken slaan we zonder spijt over, we zijn ook wel erg verwend in Belize. Na een goede nacht maken we op vrijdag 10 april los van de mooring bal, zetten zeil en zetten koers naar Jamaica.

Ook deze tocht zal weer deels zeilen, deels motoren zijn. Het is 180 mijl naar de westpunt van Jamaica, maar daarna is het nog een keer 150 mijl naar Kingstown waar we uiteindelijk heen willen. Dit laatste stuk onder het eiland zal kalm of zelfs windstil zijn.

De Jamaicaanse kolibri die we later zien

De eerste dag gaat mooi, een lopend windje, niet te veel zee. We komen op tegenkoers een sleper tegen met een grote bak met een of andere grondstof (zand?). Later zien we er nog meer, Het is ons niet duidelijk waarom dit zo vervoerd wordt over open zee maar we raden een beetje dat het komt omdat je niet met een zeeschip in de lagune van Georgetown kunt komen (??).

Rustig weer, dus verse pizza

Op zaterdag zijn we al onder de beschutting van Jamaica, worden de golven lager en gaat de wind eruit. Van hier is het nog ruim een dag varen naar Kingston en we moeten rekening houden met een overvloed aan visnetten onder de kust. Overdag zie je deze nog wel (meestal) maar 's nachts is dit een loterij met slechte prijzen. Daarom plotten we een route die ons in minimaal 200 meter diepte houdt. Daardoor moeten we wel op enig moment best ver uit de kust varen waardoor we in oostenwinden en behoorlijk zeegang komen. Samen met wat tegenstroom maakt dit een vervelend stuk.

Zondag in de loop van de dag zijn we er klaar mee. De zee is bokkig, de wind neemt toe, en met de motor op 2200 toeren maken we maar net 3 knopen voortgang. Op deze manier komen we niet met licht in Kingston en we besluiten een baai eerder voor anker te gaan bij Pigeon eiland. Maandag weer verder.

Pigeon Island

Een klein stukje de baai in is de zee weer vlak, de wind kalm en niet veel later ligt het anker in de grond bij Pigeon eiland. Een prima plek om even pas op de plaats te maken en een nacht te slapen. Na een sundowner en diner gaat snel het licht uit.

Maandag 13 april gaan we op tijd weer onderweg voor de laatste 25 mijl naar Kingston. We blijven dicht onder de kust en kunnen op wat late landwind het grootste stuk heerlijk zeilen. Aangekomen bij Port Royal melden we ons via de VHF bij de customs dock maar we krijgen geen respons. Graag hebben we vooraf even contact over huisdieren aan boord. Jamaica heeft regels waar je letterlijk onmogelijk aan kunt voldoen en we willen geen problemen als we eenmaal bij customs voor de deur liggen. Als we buitengaats kunnen overleggen kunnen we worst case altijd nog besluiten door te varen en Jamaica te laten voor wat het is.

Balls is standbye op 16

Hadden we al een 'in-transit' verzoek gedaan bij de Agri-dienst van Jamaica (maar nog geen reactie), nu appen we ook Peter van de Royal Jamaica Yacht Club. Dank Elon voor je Starlink, zo ontzettend handig om overal internet te hebben. Peter belt vrijwel onmiddelijk terug en vertelt dat er legio boten bij de club komen met katten, honden, vogels en wat al niet meer aan boord. Zolang het niet van boord gaat is er geen probleem. Dat is bemoedigend, en met een iets geruster hart ankeren we bij Port Royal Customs dock.

Port Royal

Het niet kunnen krijgen van marifoon contact was niet profetisch: vrijwel direct na aankomst worden we aangeroepen door de customs officer om naar de wal te komen. Robert gaat naar de wal en klaar de boot in. Ongeveer een half uur later kunnen we de health inspection officer ophalen die de boot (en ons) inspecteert. 'Jullie zien er allemaal wel gezond uit'; zegt hij en de gele vlag mag uit het want. De katten vindt hij inderdaad geen probleem zolang ze maar aan boord blijven. Nu is het nog wachten op immigration. Deze laat iets langer op zich wachten, maar alleen al dat je zelf niet langs alle instanties hoeft is het wachten al waard. Halverwege de middag is alles klaar en gaan we onderweg voor de laatste 4 mijl naar de RJYC waar we ankeren en een einde aan de dag breien.

Voor anker bij de RJYC

De ontvangst bij de RJYC op dinsdag is hartelijk. Het is een echte club met grote houten panelen aan de muur met de namen van ereleden en commodores. Er staat een poolbiljart en een zit-/tv-hoek met heerlijk leren banken en er is een bar met betaalbaar eten en drinken. Oh ja, én een zwembad. Peter ontvangt ons met égards en geeft een korte introductie van de club en de faciliteiten. Hier gaan we ons wel even vermaken.

Even poolen bij de jachtclub

Later in de middag gaan Anneke en Robert even naar de dichtsbijzijnde supermarkt. De informatie dat deze op 1 kilometer lopen zou liggen klopt niet. De afstand is ongeveer 5 kilometer en we nemen een taxi. De chauffeur is super behulpzaam: we krijgen local advies, hij rijdt ons langs de ATM en wacht op ons bij de supermarkt. Wel is hier het contrast weer groot. We zijn in Kingston, de hoofdstad en hier loop je niet over de hoofden van toeristen. We zijn de enige blanken in de winkel. De mensen om ons heen zijn druk bezig met hun eigen leven en wij bewegen er als een soort buitenstaander tussendoor. Of ook gewoon als iemand die druk is met zijn of haar eigen leven en verder niet speciaal is.

Prachtige planten

Heel apart, zeker in vergelijking met Guatemala en in iets mindere maten Belize, en op meerder plekken op Jamaica zien we dit. De één op één contacten zijn daarbij heel hartelijk. Wat mogelijk invloed heeft is Hurricane Melissa die in Oktober 2025 een deel van het eiland verwoestte. Het hele eiland merkt hier nog de gevolgen van, niet alleen in directe materiele schade maar bijvoobeeld ook in de beschikbaarheid en prijs van verse groenten en fruit. 


Ons Patois woordenboek

We maken plannen voor ons verblijf hier met een scheef oog op de weerberichten om verder oostwaarts te varen. Meike wil vanuit hier een vriend in Miami bezoeken en we vinden een betaalbaar ticket op donderdag vanuit Montego Bay op de noordwest kant van het eiland. We combineren dit met een rondreis over het eiland en huren een auto voor een klein week. De luchthaven ligt vlakbij de RJYC maar de autoverhuurder komt de auto graag brengen bij de jachtclub, handig. De auto zelf is technisch niet helemaal perfect: er zit een behoorlijk 'roar' in een achterwiel maar los van de herrie tussen de 40 en 80 kilometer per uur snelheid is het verder geen probleem. Ook zitten er al aardig wat schrammen en deukjes aan, maar dat geldt voor de meeste autos hier.

Links rijden

Het zal sowieso een wonder zijn als dit het enige mankement is waar de auto mee terug komt. Jamaicanen rijden als maniakken: overal minstens 20 km/u te snel en altijd inhalen, ook op plekken waar dit helemaal niet kan (naar onze maatstaven dan). Daarbij zijn de wegen bezaaid met potholes waar je spreekwoordelijk met je hele auto in kunt verdwijnen. En ze rijden hier links, maar dat vinden ze hier zelf niet raar.

Deze vrucht wordt voor ontbijt gegeten

Los van een enkele keer wissen als je wil richting aangeven en vice versa gaat het rijden prima. We maken op woensdagmiddag een ritje naar Kingston naar een boekwinkel waar we een heel leuk gesprek hebben met de eigenaar over Jamaicaanse poezie en literatuur en over de lokale taal 'Patois'. Ook verblijden we de KFC met een bezoek. Normaal wil je hier niet dood gevonden worden maar die op Jamaica zou de beste ter wereld zijn. Nou, het zal wel, het blijft gefrituurde kip met een beslagje met paneermeel hoewel de Jerk sauce er wel een eigen tintje aan geeft. Volgens de kinderen is het echter wel bijzonder, en zij zijn de kenners, dus vooruit.

Even relaxen bij half moon beach

Op donderdag begint de echte reis. Eerst met vijf man naar Montego Bay om Meike op het vliegveld af te zetten. We moeten in Kingston even onze weg vinden naar de tolweg de stad uit maar eenmaal op de grote weg gaat het vlot. We komen ruim op tijd bij het vliegveld en gaan nadat Meike heeft bericht dat ze door security is met zijn vieren verder. We verkennen wat van het centrum van Montego maar hebben het snel gezien: de artesan market is vooral erg toeristisch (logisch) en in het centrum bij de markt hangt niet een ontspannen sfeer en is het vooral ook heel druk. Ons overvalt een beetje hetzelfde gevoel als in Kingston. Je bent toeschouwer.

Onderweg

Wat ons wel kan bekoren is de Pork Pit. Het klink mogelijk niet zo smakelijk maar dat is dit beroemde grillrestaurant wel. We laven ons aan de beste garnalen, grilled pork, roti,  en nog het één en ander. Na een kort kijkje op het naastliggende strand gaan we weer in de auto om door te rijden naar Negril waar we overnachten.

Bij de pork pit

Vlak voor Negril komen we nog langs Half Moon Beach en hier brengen we een heerlijke middag door. Midden in de natuur, rustig, ligbedden op het zand in de schaduw van de bomen, heerlijk water, een bar. Zalig. Meike appt dat ze goed in Miami is aangekomen. We rijden de laatste 30 kilometer naar Negril en checken in bij ons hotel wat in de verte een beetje doet denken aan Faulty Towers: de gastvrouw is in dit geval Basil die ietwat hyper en ongeremd ons ontvangt: wanneer Robert haar Patois niet direct begrijpt vraagt ze of er iemand van ons beter Engels spreekt. 

Anneke's en Robert's kamer

De ontvangst is verder prima en vriendelijk. Wat wel jammer is, is dat in de kamer van Robert en Anneke (die wat hoger ligt) er niet genoeg waterdruk is. Het toilet vullen gaat nog net maar douchen moeten ze bij Ties en Amarins. Als we ons bedenken hoe dit komt is het niet jammer meer: dit deel van Jamaica is nog aan het herbouwen van hurricane Melissa en nog lang niet overal is de infrastructuur hersteld. Het had wel even gemeld mogen worden, maar erg is het niet. Het viel sowieso al op dat naarmate we westelijker reden de schade aan natuur en huizen zichtbaarder werd. Het platendak van onze hotelkamer was duidelijk nieuw, de resten van de binnenbetimmering konden we nog zien

Half moon beach

Op vrijdag na een traditioneel ontbijt gaan we vroeg op pad richting de Mayfield watervallen. De rit erheen is ook prachtig, los van de stormschade die wel op veel plekken zien en de soms enorm slechte wegen. Bij de watervallen gaan we met de gids onderweg om door en over de rivier te waden. Nat worden verplicht maar dat is geen straf. 

In the Mayfield river
Heerlijk !

Het water is heerlijk en de natuur is prachtig, hoewel het hier voor Melissa nog veel mooier is geweest. We sluiten de dag af met een diner in Negril én een bezoek aan Rick's café waar je geweest moet zijn. Bij Rick's kun je van de klif duiken van verschillende hoogtes, de son in de see sien sakken (want het ligt aan zee op het westen) en vooral ook ontzettend toeristisch genieten van DJ's, drank en mensen kijken. Leuk om even geweest te zijn.

Bij Rick's cafe

Zaterdag gaan we verder naar Treasure Beach in het zuiden en deze rit is wel pittig. Niet speciaal vanweg de afstand, de weg, of de Jamaicaanse rijstijl maar omdat dit deel van Jamaica het zwaarst is getroffen door Melissa. Gemiddelde windsnelheden van 270 km/u hebben hier een ravage aangericht, en nu, 6 maanden later is er nog veel te herstellen. In Black River weten we niet wat we zien: een ingestorte stenen kerk, tentenkampen, weggevaagde natuur. auto- en bootwrakken, het lijkt wel een oorlogsgebied. We stoppen nergens echt, omdat je hier heen 'tourist' wil zijn.

Ravage bij Black River
Nog meer ravage

Richting Treasure Beach wordt het weer iets beter hoewel ook daar veel schade is. Het hotel waar we verblijven mist een bovenverdieping en de strandtoegang die ze hadden is weggevaagd en wordt nog hersteld. Het hindert ons verblijf niet. Teneerste niet omdat het toerisme nog moet opveren en we graag bijdragen aan het herstel, maar ook niet omdat de eigenaren binnen de mogelijkheden alles top voor elkaar hadden: de binnentuin was prachtig, de biljartruimte was top, het zwembad heerlijk, de bedden super én Amarins kon zich uitleven in de fitnessruimte.

Ons zwembad

Na een heerlijke nacht gaan we onderweg richting Kingston om daar de Blue Mountains in te gaan en daarna naar de boot terug te keren. Hoe dichte we bij Kingston komen, hoe normaler het landschap weer wordt en eenmaal voorbij Spanish Harbour is er eigenlijk niets meer te zien. De rit de bergen in is schitterend en we drinken de beroemde blue mountain koffie op gepaste hoogte. Ook zien we hier de Jamaicaanse kolibrie, herkenbaar aan zijn gevorkte staart. Op enig moment gaan de hemelsluizen open em we rijden samen met vele duizende liters aan bruin water weer de heuvels uit. 

Er komt een boel water naar beneden

Na een bezoek een een hypermarkt zodat we vertrekklaar zijn qua boodschappen rijden we de laatste paar kilometers door Kingston naar de jachtclub. Auto heel. Wij heel. En veel gezien van Jamaica, mooie dingen, en minder mooie dingen. Alleen het Bob Marley museum mist nog maar dat komt dinsdag. We appen de autoverhuurder dat we er weer zijn en terwijl Ties de boodschappen in de dingy laat haalt de verhuurder de auto weer op. 

Bob's huis

We hielden de weerberichten al een tijdje in de gaten en nog steeds lijkt het goed om dinsdag aan het eind van de dag richting de Dominicaanse Republiek te vertrekken. We kunnen dan in relatieve kalmte onder Jamaica doorzeilen, steken met maximaal 22 knopen vlagen over tussen Jamaica en Haiti om daarna half-om-half te kunnen (motor-)zeilen in rustig weer. Best ideaal vergeleken met hoe het hier kan zijn als de trades doorblazen uit het oosten.

Buiten het museum
Galgenmaal bij de JC

Maandag klaren we uit bij customs die daarvoor naar de JC komt (handig !) en we vermaken ons verder aan- en in het zwembad. Op dinsdagmorgen sluiten we de katten op en gaan we aan de bunkersteiger voor diesel en water en voor immigratie die ook naar de JC komt. We leggen de boot terug voor anker en regelen een Uber om ons naar het Bob Marley museum te brengen. Dit mag je niet missen en is inderdaad erg leuk. Het museum is gevestigd in het huis waar Bob en Rita woonden en waar o.a. ook nog de opnameruimtes intakt zijn. Terug in de JC geven we onze laatste dollars uit aan ons galgenmaal om daarna rond 5 uur anker op te gaan met bestemming Dominicaanse Republiek.

Na de baai van Kingston uit gemotord te zijn zeilen we rustig de nacht door. Omdat het kan, maar ook omdat we niet willen motoren in ondiep water i.v.m. mogelijke visfuiken die je in het donker niet ziet. Het is ook wel een kalm begin, rustig inslingeren. Het weer houdt zich aan de voorspelling en in de ochtend krijgen we net voorbij de oostpunt van het eiland de voorspelde hardere wind en forse zee. Na een 20 mijl is dit ook al weer over en zeilen we al in veel rustiger water gestaag verder.

36....

Donderdag en vrijdag zijn we al onder de kust van Haiti en is er geen noordoosten swell meer. Op momenten zien de kust in de verte. Het is wat squallig weer waar twee kanten aan zit: op donderdagavond hebben we bakboord van ons een enorme lijn buien die door de luchstroming de bui uit ons een perfect noordenwind geeft. We zeilen er de hele avond en een groot deel van de nacht heerlijk op totdat tijdens Anneke's wacht we in de buienlijn komen. De wind komt overal vandaag en er vallen bakken met water. Dat is de andere, nattere. kant van squallig weer.


We gaan de nacht weer in

Soms zeilen we, soms motorzeilen we, en zo leggen we elk etmaal ongeveer 100 mijl af. We timen het zo dat we zaterdagmorgen (25 april) bij Isla Beata zijn, de meest zuidelijke punt van de Dom.Rep. Hier komen we weer in ondiep water dus we willen hier met daglicht zijn. Robert zeilt het eerste stukje rond de kaap nog in het donker maar geholpen door stroming is het net te zeilen dus hoeft de motor niet bij. Eenmaal voorbij de kaap krijgen we echt een goed zich op groene land we ruiken een bloemige, vochtige landgeur. 

Rond de kaap

Was oorspronkelijk het plan om naar Barahona te zeilen, de wind is nu zo gunstig dat het logisch is om meteen door te zeilen naar Santo Domingo, nog ongeveer 100 mijl verder. Zo gezegd zo gedaan en we kunnen het grootste deel van de dag heerlijk doorzeilen. Wat wel wat zorgelijk is zijn de markeringen van visfuiken die we tegenkomen in tot wel 4km diep water. Ze zij gemarkeerd met twee grote jerrycans met daartussen een paar meter tros, niet iets waar je tussendoor wil varen, zeker niet als je motort. Overdag zie je ze wel maar 's nachts ?

Dominicaanse Republiek in zicht

We moeten vannacht  tempo houden om met hoog water bij Santo Domingo te komen (anders is de haven voor ons te ondiep om aan te lopen) maar we willen ook liefst niet motoren. Tegen donker komen we in iets minder diep water (1-2 km) en onze theorie lijkt op te gaan: we komen deze gekke visconstructies niet meer tegen dus we gokken het erop. Als de wind eruit gaat, motor bij, uitkijk houden, en hopen dat je nergens overheen vaart.

En weer een tractatie in de avond

Zonder problemen komen we zondag (26 april) om 05.30 voor de riviermonding van Santo Domingo. We varen de rivier op en leggen de laatste mijl naar de haven af. We hebben vooraf contact gehad met de havenmeester en er staat zoals afgesproken personeel klaar om de afvalkering weg te schuiven en om ons zonodig een duwte te geven om door het slib heen bij de kant te komen. Ook customs en immigration staan al klaar op de wal. En dit allemaal zondagmorgen om 06.30.  Wat een ontvangst. 

Op de plek

Het aanleggen gaat zonder hulp en het inchecken gaat vlot en vriendelijk. Een fijn welkom. Een eerste wandeling naar de oude stad laat weer een heel andere wereld zien. Even niet de Engelse handtekening zoals op Belize, Cayman en Jamaica, maar die Spanje als stichters van de oudste stad in de 'nieuwe wereld'. 

In Santo Domingo